Hoe lang duurt het voordat een duif gewend is aan een nieuw hok?
Een nieuw hok is voor een duif een beetje zoals een verhuizing voor ons: spannend, onwennig en soms een beetje eng.
Je hebt je prachtige nieuwe vlieghok gebouwd of gekocht, de klokken hangen, de klep is perfect afgesteld, maar je duiven kijken je aan alsof je gek bent geworden. Wanneer gaan ze eindelijk die nieuwe stek waarderen?
Het antwoord hangt af van een paar cruciale factoren, maar met de juiste aanpak ben je vaak al binnen een week klaar. De gewenningsperiode is niet alleen maar wachten totdat ze het leuk vinden. Het is een actief proces waarbij jij de regie neemt. Je wilt niet dat je kostbare vliegers of fokduiven stress ervaren, want stress is de nummer één vijand van de prestatie en de gezondheid. Laten we dus gelijk de mouwen opstropen en kijken hoe we dit proces versnellen, zonder gedoe.
Wat je nodig hebt voordat je begint
Voordat je überhaupt een duif in het nieuwe hok zet, moeten de basisdingen perfect op orde zijn. Een halfbakken hok zorgt voor onzekerheid, en onzekerheid leidt tot vertraging.
Je hebt geen dure apparaten nodig, maar wel oog voor detail. Zorg allereerst voor een goed ventilatiesysteem.
Stilstaande lucht is dodelijk voor de luchtwegen. Een eenvoudig systeem met inlaatroosters onderaan en een uitlaat bovenaan werkt vaak het beste. Koop goede kwaliteit hokmatten, bijvoorbeeld van rubber of kurk, die makkelijk te reinigen zijn.
Verder heb je natuurlijk voer nodig: een stevig korrelmengsel voor de basis, aangevuld met bonen voor de energie. Denk aan merken als Beyers of Versele-Laga, afhankelijk van wat je gewend bent.
Vergeet het water niet. Een automatische drinkbak voorkomt uitdroging en is hygiënischer dan een open bak. Tot slot heb je wat speciale attributen nodig: een goede mand om de duiven in te vervoeren, eventueel een valplank met lokduif en wat speelgoed of nestmateriaal om het aantrekkelijk te maken. Zorg dat alles schoon is, echt schoon, voordat je begint.
Stap 1: De voorbereiding van het hok
Een leeg, nieuw hok voelt voor een duif vaak kil en onpersoonlijk. Ze zoeken naar geuren en signalen die zeggen: "hier is het veilig".
- Maak het hok compleet veilig: Controleer op scherpe punten, losse draadjes of gaten waar roofdieren door kunnen. Zorg dat de klep soepel loopt en niet piept. Een piepend geluid associeert een duif met gevaar.
- Creëer vertrouwde geuren: Leg wat oud nestmateriaal of strooisel van het oude hok in het nieuwe hok. Dit klinkt vies, maar de geur van hun eigen uitwerpselen geeft direct een veilig gevoel. Meng het eventueel met nieuw strooisel (vlas of champost).
- Stel de zitstokken in: Hang de zitstokken niet te strak naast elkaar (minimaal 15-20 cm afstand) en zorg dat ze op een logische hoogte zitten. Duiven zitten graag hoog. Zorg dat er geen tocht is direct op de stokken.
- Vul de eet- en drinkbakken: Zet de bakken neer op een vaste plek. Doe dit altijd op hetzelfde tijdstip, bijvoorbeeld ’s ochtends om 7 uur en ’s avonds om 18 uur. Routine is koning.
Jouw taak is om die signalen te geven. Veelgemaakte fout: Het hok te snel volproppen met spullen.
Een te vol hok belemmert het overzicht. Houd het simpel en overzichtelijk.
Stap 2: De introductie van de duiven
Het moment van loslaten is spannend. Je wilt niet dat ze direct wegvliegen en niet weten waar ze moeten landen.
- Transporteer de duiven: Zet de duiven overdag in de mand en breng ze naar het nieuwe hok. Nachttransport werkt vaak beter voor volwassen duiven, maar voor de gewenning overdag is het prima om ze ’s morgens vroeg te plaatsen.
- De openingshandeling: Open de klep en laat de duiven zelf de keuze maken. Doe dit rustig. Schrik ze niet. Laat ze even wennen aan het licht en de lucht.
- Geef ze tijd: Zit je met jonge duiven? Laat ze een uur of 2 à 3 wennen aan het interieur voordat je ze loslaat. Ze moeten weten waar de uitgang is.
- Loslaten: Laat ze los en blijf in de buurt. Ga niet direct weg. Blijf in de tuin of op het erf om te zien hoe ze reageren. Ze zullen waarschijnlijk eerst wat rondjes draaien om te oriënteren.
De methode hangt af van of het om jonge duiven of oude wedduiven gaat. De eerste 24 uur zijn cruciaal. Zorg dat ze voldoende water en voer hebben, bied eventueel een verfrissend bad voor je duiven aan, maar forceer ze niet om te eten. Ze weten instinctief waar voer ligt als ze eenmaal rustig zijn.
Stap 3: De gewenningsfase versnellen
Nu begint het wachten. Hoe lang duurt het voordat ze echt "thuis" zijn?
Bij jonge duiven (afstoters) gaat dit vaak sneller dan bij oude duiven. Over het algemeen duurt het 3 tot 7 dagen voordat een duif volledig gewend is, maar de eerste fase duurt maar 48 uur. Hier is een schema om de spanning eruit te halen: Specifieke tip voor wedvluchtduiven: Als je oude wedduiven verhuist, doe dit dan minimaal 4 weken voor de eerste inkorving. Ze moeten wennen aan de nieuwe "uitgang" en de oriëntatiepunten rondom het hok.
- Dag 1: De duiven zitten vooral binnen of op het dak. Ze verkennen de omgeving vanaf de buitenkant. Zorg dat de klep open blijft zodat ze makkelijk kunnen in- en uitvliegen.
- Dag 2: Ze gaan experimenteren met korte vluchtjes. Ze vliegen een rondje en landen direct weer op het hok of in de tuin. Dit is normaal gedrag.
- Dag 3 tot 5: De routine zet zich vast. Ze weten waar het voer ligt en wachten braaf op je komst. Je ziet ze ontspannen op de zitstokken zitten.
- Dag 6 en 7: De vliegdrang neemt toe. Ze gaan hoger vliegen en verkennen de wijde omgeving. Vanaf nu is het hok hun vaste basis.
Een duif die net verhuisd is, heeft soms een hechtingsstoornis en kan makkelijker verdwalen. Veelgemaakte fout: Te snel loslaten op dag 1 en dan de hele dag weg blijven.
Blijf in de buurt, zeker de eerste dag. Een plotselinge kraai of kat kan ze opjagen, waardoor ze niet weten waar ze moeten landen.
Stap 4: Verzorging en routine tijdens de gewenning
Een duif went sneller aan een nieuw hok als hij weet dat de verzorging top is, want een duif alleen houden is nooit een goed idee. Routine geeft rust. Voer ze op vaste tijden, bijvoorbeeld ’s morgens met energierijk voer en ’s avonds met lichter voer. Controleer dagelijks de ontlasting.
Een verhuizing geeft stress, en stress kan leiden tot spijsverteringsproblemen. Gebruik eventueel een probioticum in het drinkwater de eerste drie dagen.
Merken als Pigeon Health of Pasen zijn hier goed voor. Houd de waterbakken schoon.
Een vieze drinkbak schrikt af. Ververs het water minimaal een keer per dag, liever twee keer. Als je merkt dat ze niet drinken, zet dan een extra bak neer op een plek waar ze makkelijk bij kunnen.
Let op het gedrag. Zitten ze te dicht op elkaar?
Misschien is er tocht. Zitten ze te verspreid? Misschien is het te warm. Pas de ventilatie aan, maar vermijd directe windvlaag op de stokken. Een temperatuur tussen de 10 en 20 graden is ideaal voor de meeste duiven in de gewenningsfase.
Stap 5: De overgang naar vliegen
Nadat de duiven een week gewend zijn en voorzien zijn van de juiste ringen voor je duiven, is het tijd voor de volgende stap: de training. Zeker bij duiven houden in een woonwijk wil je niet dat ze na de gewenning direct uren wegblijven.
- Begin met kort trainen: Laat ze op dag 7 of 8 los voor een half uurtje. Blijf kijken.
- Gebruik lokduiven: Als je merkt dat ze twijfelen om te landen, gebruik dan een lokduif op het dak of een
