Waarom duiven tijdens de rui minder vliegen en meer slapen
Duiven in de rui, dat is een heel ander verhaal dan die supersnelle wedduif die normaal over de weilanden scheert. Je ziet ze ineens minder de lucht in gaan, wat slomer bewegen en vooral veel meer rusten.
Dat is geen luiheid, maar een slimme investering van hun lichaam. Ze bouwen letterlijk een nieuw vliegpak, en dat kost ontzettend veel energie.
Als je duivensport bedrijft, of gewoon van je sierduiven houdt, is het cruciaal om dit proces te herkennen en je duiven de rust te gunnen die ze nodig hebben. Stel je voor dat je elke dag een marathon zou rennen terwijl je ook nog een nieuw huis aan het bouwen bent. Dat gaat gewoon niet.
Je lichaam moet kiezen. Bij duiven is het precies hetzelfde. Tijdens de rui zetten ze al hun energie op het bouwen van nieuwe veren. Die veren zijn hun toekomst; zonder perfecte veren kun je geen wedvluchten winnen. Dus geven ze prioriteit aan herstel en rust, en laten ze het vliegen even voor wat het is.
Wat is de rui eigenlijk?
De rui is het proces waarbij een duif zijn oude veren verliest en nieuwe krijgt.
Het is niet zomaar wat uitvallen; het is een complete metamorfose. De meeste volwassen duiven ruien jaarlijks, meestal in de nazomer of herfst. Dit duurt vaak 6 tot 8 weken. Soms langer, afhankelijk van de duif en de omstandigheden.
Je merkt het aan de hoeveelheid veren in de hokken. Overal liggen kleine veertjes.
Je ziet kale plekjes op de vleugels of staart. De duif ziet er wat slordiger uit en is minder scherp. Dit is normaal.
Het is een fysiologisch proces dat vastligt in de biologie van de duif. Het is geen ziekte, maar een cyclus die je moet respecteren. Waarom is dit belangrijk?
Omdat de kwaliteit van de nieuwe veren bepaalt hoe goed je duif de komende wedvluchten aankan. Een goed geruite duif heeft een strak, waterdicht en sterk verenkleed.
Een slecht geruite duif heeft last van luchtweerstand en vocht. Als fokker en sportbeoefenaar moet je de rui managen, niet onderdrukken.
Waarom vliegen ze minder?
De primaire reden is energiebesparing. Het maken van veren is duur. Echt duur. Een veer bestaat voor 85% uit eiwit (keratine).
Om één nieuwe slagpen te produceren, heeft een duif ongeveer evenveel energie nodig als voor het vliegen over 500 kilometer.
Als je duif tijdens de rui toch zou blijven trainen, haalt hij energie weg bij de veerproductie. Resultaat: zwakke, broze veren die snel breken.
Daarnaast is er het fysieke ongemak. Tijdens de rui zitten de veren los in de huid. Een nieuwe veer die net uit de schede komt, is nog zacht en gevoelig.
Een stoot of een harde landing doet pijn. Duiven weten dit instinctief.
Ze vermijden risico's om beschadiging van de nieuwe veren te voorkomen. Ze kiezen voor veiligheid. Er is ook een aerodynamische reden. Een volledig verenkleed zorgt voor lift en stuurbaarheid.
Tijdens de rui ontstaan er gaten in de vleugels. Kijk maar eens naar de stoot in de vleugel; de luchtstroom wordt hierdoor onregelmatig.
Een duif met gaten in de vleugels kan niet optimaal stijgen of duiken.
Hij is letterlijk minder efficiënt. Dus blijft hij liever op de grond of maakt hij korte, vlakke vluchten boven het hok.
Waarom slapen ze meer?
Rust is de motor achter herstel. Wanneer een duif slaapt, gaat het lichaam op de automatische piloot.
De stofwisseling vertraagt, de spieren ontspannen en de energie gaat naar de verenproductie. Een duif die in de rui zit, kan wel 14 tot 16 uur per dag slapen of rusten.
Dat is veel meer dan buiten de rui. Het slapen is ook een manier om lichaamswarmte te besparen. Veren isoleren. Tijdens de rui verliest de duif isolatie. Door meer te rusten, verbruikt hij minder calorieën om op temperatuur te blijven.
Dit is vooral belangrijk als de temperatuur daalt in de herfst. Je zult merken dat je duiven meer op de stokken zitten of in de nesten liggen.
Er is ook een hormonale component. De rui wordt gereguleerd door schildklierhormonen en geslachtshormonen. Om dit proces te ondersteunen is een goede verzorging tijdens de rui essentieel, aangezien deze hormonen ervoor zorgen dat de duif minder actief is.
Het is een natuurlijke reset. Na de rui schakelt het lichaam weer over op topsport.
Nu is het tijd voor opbouw. Slaap is de brandstof voor die opbouw.
Wat kun je als duivenhouder doen?
Je moet het hok aanpassen aan de behoeften van de duif. Zorg voor een rustige omgeving. Minimaliseer stress.
Schrik ze niet op met onnodige geluiden of bewegingen. Laat ze met rust.
Een duif die rustig is, investeert meer in veren dan in vluchten. Voeding is de sleutel om op een gezonde manier de rui te versnellen. Let hierbij goed op de voedingsbehoeften tijdens de rustperiode. Tijdens deze periode heeft een duif meer eiwitten nodig. Geef geen licht mengel meer.
Schakel over op een sportmengel met een hoger eiwitgehalte, zoals de Vanrobaeys Performance of de Beyers Sport.
Voeg eivoer toe, 2 tot 3 keer per week. Eivoer is rijk aan aminozuren die nodig zijn voor keratine. Doe er een snufje vitamineral bij vanuit de dierenspeciaalzaak, ongeveer 5 euro per zakje.
Verzorging speelt ook een rol. Controleer op parasieten. Een jeukende duif krabt en beschadigt nieuwe veren.
Gebruik een goed anti-parasitair middel, zoals Ivomec of een natuurlijk middel met tea tree oil.
Een pipetje kost ongeveer €3 tot €5 per duif. Doe dit preventief voordat de rui begint.
Praktische tips voor de rui
- Voer aanpassen: Wissel naar een zwaarder mengel. Geef dagelijks groenvoer zoals andijvie of spinazie voor vitaminen.
- Mineralen: Zorg voor een constante aanbod van grit en maagkiezel. Dit helpt bij de verenproductie en spijsvertering.
- Water: Vers water is essentieel. Ververs het water dagelijks. Een duif in de rui drinkt meer om de eiwitstofwisseling te ondersteunen.
- Training beperken: Laat ze vrij vliegen, maar forceer geen lange trainingssessies. Maximaal 1 tot 2 uur per dag is voldoende.
- Nesten schoonhouden: Verwijder oude veren regelmatig. Dit voorkomt schimmel en houdt het hok fris.
Varianten in rui bij verschillende duivensoorten
Niet alle duiven ruien op dezelfde manier. Bij wedstrijdduiven, zoals de Antwerpse of de Bourges-duif, is de rui vaak streng.
Fokkers selecteren op een snelle rui. Een duif die in 6 weken klaar is, is top. Bij sierduiven, zoals de pauwduif of de hoenduif, kan de rui langer duren.
Sommige rassen hebben een zware rui door hun specifieke verenstructuur. Er zijn ook modellen voor rui-begeleiding.
Sommige fokkers gebruiken lichtprogramma's. Door de lichtduur in het hok te manipuleren, kun de rui versnellen of vertragen.
- Eivoer (5 kg): €12 - €15 (merk: Versele-Laga of Beyers).
- Vitamineral (1 kg): €5 - €8.
- Anti-parasite pipetten (10 stuks): €15 - €20.
- Grit mengsel (5 kg): €8 - €10.
Een lamp van 10 watt die aan gaat om 6 uur 's ochtends, kan helpen. Dit kost ongeveer €15 tot €20 in aanschaf. Maar pas op: te veel licht kan de duif uitputten. Prijsindicaties voor ondersteunende rui-supplementen: Deze producten zijn verkrijgbaar bij gespecialiseerde duivenspeciaalzaken of online via duivenwinkels. Kies voor kwaliteit; goedkoop is vaak duurkoop.
Veelgemaakte fouten
- Te veel trainen: Blijf niet doorgaan met inkorven. Een geruite duif hoort thuis in het hok.
- Te weinig eiwit: Geef niet alleen mais. Mais is te koolhydraatrijk. Je hebt eiwitten nodig.
- Stress: Verhuizen of grote schoonmaak tijdens de rui is een no-go. Wacht tot de rui voorbij is.
